Dierlijk vet

Dierlijke vetten komen in Nederland van runderen, varkens, kippen en andere dieren. De verschillende typen en kwaliteiten dierlijk vet zijn ingedeeld in vier categorieën die wettelijk zijn vastgelegd. De indeling wordt gemaakt in het slachthuis. De grondstoffen moeten voldoen aan strenge wettelijke bepalingen die de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA) controleert.

Dierlijk vet voor de voedselketen kent twee categorieën:

  1. Dierlijk vet geschikt voor menselijke consumptie. Dit vet heeft geen categorienummer, het valt als enige onder de Hygiëneverordening voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong en niet onder de Dierlijke Bijproductenverordening;
  2. Dierlijk vet geschikt voor diervoeders, zogenoemd categorie 3-vet.

Behalve als hoofdproduct uit ruwe of ongesmolten vetten worden gesmolten dierlijke vetten ook gewonnen als nevenproduct in het productieproces van gelatine. Deze vetten zijn geschikt voor diervoeders.

Dierlijk vet voor techniek en energie kent ook twee categorieën:

  1. Dierlijk vet geschikt voor techniek, zogenoemd categorie 2-vet;
  2. Dierlijk vet geschikt voor energieopwekking, zogenoemd categorie 1-vet.

Het ruwe of ongesmolten vet wordt verhit en gescheiden tot gesmolten dierlijk vet en dierlijke eiwitten. Elk type heeft eigen wettelijke voorschriften voor het productieproces, hygiëne-eisen, transport en opslag, controles, verplichte documentatie en toegestane bestemmingen.

De dierlijk-vetsector 
De dierlijk-vetsector bestaat uit de ­volgende bedrijven:

  • Producenten van dierlijk vet
  • Producenten van samengestelde vetten
  • Handelaren in dierlijke vetten en samengestelde vetten

Leveranciers zoals slachterijen (vleessector) en afnemers zoals mengvoederbedrijven (diervoedersector), oleochemische bedrijven (chemische sector) en energieproducenten (energiesector) hebben nauwe banden met de sector en behoren wel tot de keten maar worden niet tot de dierlijk-vetsector gerekend.

Vier soorten producenten 
Er bestaan vier typen producenten van dierlijk vet, afhankelijk van de grondstoffen die ze verwerken:

  • Producenten van dierlijke vetten geschikt voor menselijke consumptie;
  • Producenten van dierlijke vetten geschikt voor diervoeders;
  • Producenten van dierlijke vetten geschikt voor techniek;
  • Producenten van dierlijke vetten geschikt voor energie.

De eerste twee krijgen hun grondstoffen van dieren die de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA) heeft goedgekeurd voor menselijke consumptie.
De andere producenten verwerken vleesbijproducten die ongeschikt zijn voor menselijke consumptie.

Stroomschema productie dierlijke vetten 
Het schema laat het onderscheid zien tussen de verschillende categorieën dierlijk vet en de plaats van de typen producenten in de keten.

 

 Toelichting stroomschema productie dierlijke vetten:

  • Dierlijke bijproducten van categorie 1 en 2 en de vetten die daaruit worden gewonnen, mogen niet worden gebruikt voor levensmiddelen of diervoeding. Hieronder valt in het geval van runderen ook het zogeheten specifiek risicomateriaal, SRM, zoals dat is vastgelegd in de BSE-wetgeving en dat altijd categorie 1-materiaal is. Dit geldt bijvoorbeeld voor ruggenmerg en hersenen. De slachterijen isoleren dit SRM en leveren het aan producenten van dierlijke vetten die het een specifieke, voorgeschreven behandeling laten ondergaan om het geschikt te maken voor de energiesector.

 

  • Dierlijke vetten voor menselijke consumptie moeten voldoen aan de Hygiëneverordening voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong. Ze worden, afhankelijk van de toepassing, in al dan niet geraffineerde vorm gebruikt. Om commerciële redenen kan dit type vet ook worden toegepast in diervoeder, in de technische sector of voor energieopwekking (weergegeven als horizontale stippellijnen tussen de blokken met 'dierlijk vet' in het stroomschema). In dat geval gelden de bepalingen van de Dierlijke Bijproductenverordening.

 
Producenten van samengestelde vetten 

De sector kent ook producenten van samengestelde vetten. Deze blenden verschillende soorten dierlijke vetten en vullen deze eventueel aan met plantaardige oliën, tot samengestelde vetten die voldoen aan de specificaties van de afnemers. Dit kunnen ook handelaren zijn met eigen opslag- en transportmiddelen. Het blenden luistert nauw bij producten voor afnemers in de mengvoerindustrie en in de kunstmelkproductie.

 

Stroomschema productie samengestelde vetten 
Het schema laat de plaats in de keten zien van de producenten van samengestelde vetten

 

De bedrijven in de sector dierlijk vet zijn onder te verdelen naar hun voornaamste economische activiteit.

Technische producten
Halffabrikaten Dierlijk vet vormt de basis voor een groot aantal technische producten voor industrie en consument. De ‘oleochemische industrie’ verwerkt de vetten tot halffabrikaten, de zogenoemde vet­derivaten. De belangrijkste derivaten zijn vetzuren, glycerines, esters, zepen en dimeren.

Consumentenproducten De vetderivaten vervullen verschillende functies in een brede reeks consumentenproducten. In producten voor persoonlijke verzorging, zoals shampoos, zepen, crèmes, lotions en make-up, dragen ze bij aan de effecten van reinigen, bevochtigen, schuimen en wassen. Verder gebruikt de zeep­industrie op grote schaal rundvet voor de productie van zeep.

Ook de industrie gebruikt vetderivaten. Bij de papierrecycling helpen zij bij het verwijderen van de inkt van oud papier, zonder het papier te beschadigen.

Industriële en huishoudelijke zepen en schoonmaakmiddelen wassen en schuimen (mede) dankzij de derivaten van dierlijke vetten. Dezelfde derivaten leveren het basisproduct stearine voor kaarsen, eventueel gemengd met paraffine en voor (boen)was en poetsmiddelen.

Esters van dierlijke vetten vormen de basis van diverse soorten plastics en van stoffen die bij de productie van plastic worden gebruikt: stabilisatoren, glijmiddelen (voor het soepel loskomen van producten uit de gietvormen), stoffen die statische effecten en productvertroebeling tegengaan en emulgatoren die de polymerisatie bevorderen.

Dierlijke vetten vormen de basis van allerlei industriële smeermiddelen, maar ook van de niet-toxische, biologisch afbreekbare smeermiddelen. De vetderivaten maken specifieke toepassingen mogelijk, zoals het reinigen van harde oppervlakken.

De oleochemische industrie levert snij-oliën, koelvloeistoffen en poets- en polijstmiddelen aan de metaalbewerkende industrieën en metaalsmelterijen. Boor- en snijmachines worden met producten op basis van dierlijk vet gekoeld en gesmeerd.

Energie
De hoge energiedichtheid is de belangrijkste reden om dierlijke vetten in te zetten voor energieopwekking.

Bio-energie Dit gebeurt door de vetten in te zetten in een elektriciteitscentrale, waarbij de aanwezige energie wordt omgezet in elektriciteit. Ook worden dierlijke vetten in de glastuinbouw gestookt voor het opwekken van warmte en elektriciteit.

Biodiesel Tot slot kunnen dierlijke vetten door verestering worden omgezet in ­biodiesel.

Voor meer informatie noord@mvo.nl

 

Last modified: April 7, 2017 14:10